Toen Leeroy Echteld (58) na jaren als jeugdtrainer en assistent eindelijk de kans kreeg als hoofdtrainer, was hij direct succesvol. Als ‘gids’ helpt hij nu de jonge spelers van AZ op weg. Zaterdag mogen ze het laten zien, uit tegen Ajax.
is voetbalverslaggever van de Volkskrant.
Leeroy Echteld is de gids, de trainer die wil inspireren en zijn spelers meeneemt in het verhaal. ‘Je moet ze aan het denken en aan het dromen zetten, dat ze met elkaar iets willen bereiken. Dat gaat met stapjes: soms een paar stapjes omhoog, dan weer een paar naar beneden.’
AZ was vorige week drie dagen in Armenië voor de Europa League. Op het programma stonden ook momenten van rust en contemplatie. Thema van een bijeenkomst: mentale weerbaarheid. Samen met topsportbegeleider Bart Heuvingh liet Echteld beelden zien van topsporters als Novak Djokovic.
‘Die vertelde over het omarmen van stress en nervositeit. Bij hem helpt het als je goed ademt. Zo blijft hij in het hier en nu, en kan hij alle andere gedachten uitschakelen. Dus bijvoorbeeld niet meer denken wat winst of verlies voor invloed heeft op de ranglijst.’ Nee, alleen hier. Alleen nu.
‘We hadden de spelers bij de kladden. En voor elk team is de formule anders. We zoeken constant naar die formule.’
Hij vindt het lekker om de eindverantwoordelijkheid te dragen. Heerlijk zelfs. ‘Dan weet ik dat het uiteindelijk goed komt.’ Hoe hij dat weet? ‘Omdat het altijd goed is gekomen. En als het niet goedkomt, komt het ook goed. Ik heb een deel van de leiding, en dat geeft me rust.’
De stelling is: AZ is een zeer georganiseerde club die veel data gebruikt, en trainer Leeroy Echteld is het type straatvechter. De praktijkman voor het evenwicht in het laboratorium.
Hmm, daar is hij het niet helemaal mee eens. ‘Ook ik ben opgeleid door AZ, en ik leer dagelijks van de manier waarop we hier werken, onder meer met data. Sommige mensen zeggen dat AZ allemaal dezelfde soort spelers heeft. Maar dat is juist niet zo. Wij leiden uitzonderlijke spelers op: Elijah Dijkstra, Wouter Goes, Lewis Schouten.
‘Peer Koopmeiners is heel anders dan Dave Kwakman, en die is weer heel anders dan Kees Smit. Calvin Stengs is ook heel anders. Wij brengen unieke spelers voort: Mexx Meerdink is er zo een, en Ro-Zangelo Daal verschilt totaal van het profiel dat velen plakken op dé AZ-speler.
‘Alleen: de club wordt op een dusdanige manier geleid dat het structureel goed in elkaar zit. Op dat gebied wil de club zich constant verbeteren. De mensen die zich daarvoor inzetten, zijn juist geen doorsneemensen; dat zijn mensen met unieke kwaliteiten. Daarom maakte ik hier kans. Ik ben misschien net een tikkeltje anders, maar wel vanuit AZ opgeleid.’
Waarin hij anders is? ‘Ik doe veel op gevoel, maar wel vanuit structuur. Ik heb structuur nodig, maar niet te veel.’
Echteld leerde een visie ontwikkelen door jarenlang bij AZ te werken, eerst als jeugdtrainer, later als trainer van Jong AZ en sinds half januari als hoofdtrainer, na het ontslag van Maarten Martens. Hij won de KNVB-beker en mocht blijven, waarna hij ook de Johan Cruijff Schaal won. In de eredivisie staat AZ momenteel vier punten achter koploper Feyenoord en één punt achter Ajax, de tegenstander van zaterdag.
Zelf was Echteld een technisch begaafde voetballer met inzicht. ‘Ik kon alleen niet laten zien wat ik in mijn kop en benen had. Als trainer ben ik veel meer in control.’
Hij kan prikkelen. Afbreken en ophemelen. ‘Je probeert spelers altijd te bewegen, zodat ze spelen met passie, strijd en overgave. De ene groep heeft dit nodig, de andere dat; bij de ene groep gaat iets vanzelf, bij de andere niet. Dat voel je.
‘Neem Stengs: die kun je prikkelen, maar je moet ook gewoon met hem praten, want hij is inmiddels al wat ouder. Toen hij 18 was, kon ik hem makkelijker prikkelen, op een andere manier dan nu.’
Als jeugdtrainer kneedde hij veel spelers die later doorbraken: Owen Wijndal, Myron Boadu, Teun Koopmeiners en ook Stengs. Hij daagde de jongeren uit, of soms juist de ouderen. Hij maakte soms ruzie of lokte ze uit de tent.
‘De jonge jongens stimuleerde ik om tijdens partijen van die ouderen te winnen. Daarna prikkelden we die ouderen weer om extra gas te geven. Het is ook een spel dat je met ze speelt. Wout (Weghorst, red.) kon je heel goed prikkelen: als ik ballen moest inspelen, gaf ik die twee keer op zijn mindere linkerbeen; dan verloor hij de bal en stond hij meteen aan. Tegelijkertijd leg ik ze ook uit wat ze moeten doen om een hoger niveau te halen.’
Stengs was misschien de grootste belofte, maar mede door een zware knieblessure bleef hij iets achter bij de verwachtingen. Nu is hij na omzwervingen weer terug bij AZ. ‘Nu moeten we hem de spiegel voorhouden, of hij nog een keer alles eruit wil halen. Als hij dan omhooggaat en daarna weer een beetje naar beneden, moeten we hem helpen. Dat doen we met al die boys. Met gevoel, na observatie: hoe denken ze? Hun denken heeft invloed op hun acties.’
AZ zit midden in de herfstdip, zeggen critici nu. De ploeg begon het seizoen met veel doelpunten, met jonge spelers die voor het eerst echt basisspeler zijn: Dijkstra, Schouten, Kwakman, zelfs Meerdink.
‘In dat proces ben ik de gids, de inspirator. De motivator. ‘Gids’ is de beste term, ik help ze de weg vinden. Soms betekent dat gewoon zeggen waar het op staat, daar is niks mis mee. Toen ik 40 was en net begon als trainer, wilde ik dat soms doen door te schreeuwen. Ik heb de neiging om mijn stem te verheffen bij emoties.
‘Maar dat is niet altijd de manier. Ik ben rustiger geworden. Ik moet ze het gevoel geven dat ze denken: hij doet het niet voor zichzelf, maar voor ons.’
Hij wil helpen, liefst met humor. Ja, soms is hij boos: ‘Als je afspraken niet nakomt, of niet goed op het veld staat, terwijl het een paar keer is uitgelegd.’
Tegenstanders stellen zich nu in op AZ. ‘Dat is logisch. We maakten vijf doelpunten tegen Go Ahead, vier tegen PSV, vier tegen Utrecht. Dan gaan tegenstanders nadenken en zich heel goed voorbereiden. Dat is prima, dan is het weer aan ons: wat gaan wij daartegenover stellen? In die fase zitten we.’
Ajax is een lastige tegenstander, een ploeg met veel nieuwelingen die gaandeweg aan elkaar gewend raken. ‘Ajax blijft Ajax. Ik heb er vroeger gespeeld. Vroeger was Ajax meer Ajax dan nu, maar de naam blijft groot. Vanuit de historie hebben ze deze naam verdiend.’
AZ werkt met veel minder middelen. ‘Met ander beleid, met slimmer denken, vernieuwend zijn en aanhaken. Logisch en goed nadenken, met elkaar overleggen, met als doel om samen te groeien.
‘We gaan nu alleen een wat zwaardere fase in, want we willen graag in de race blijven. De druk die daarbij hoort, is prima. Dat willen we ook; als er geen druk is, doen we er niet toe. Ik voel die druk, en dat is een mooi gevoel. We hebben alleen weinig tijd. Voordat je het weet, wijzigt je selectie.’
Voor aanvang van dit seizoen vertrokken twee belangrijke spelers: spits Troy Parrott en viceaanvoerder Sven Mijnans. Tegelijkertijd bond AZ de belangrijke spelers Peer Koopmeiners, Wouter Goes en Kees Smit langer aan de club.
Echteld won al meer prijzen met AZ dan Louis van Gaal of Co Adriaanse. De volgende stap is het kampioenschap, maar dan wel op een andere wijze dan in 2009, toen AZ te veel geld uitgaf.
‘Ik denk dat het kan. Deze manier is moeilijker, we spelen met veel eigen jeugd. In een korte periode gebeurt er veel met jonge jongens.’
Echteld trainde sommigen al toen ze nog kind waren. Dan was hij als een vader. Zo is hij nog steeds. ‘Ik ben wie ik ben. Bij het eten, in de gang of in de kleedkamer mogen ze met mij dollen. Dan zijn ze heel vrij – dan krijg ik ook een tikkie op mijn kop, bij wijze van spreken. Dat was vroeger zo, en dat is nog zo.
‘Ik moet incasseren, want ik deel ook uit. Alleen: als ik boven de groep moet staan, sta ik erboven. Anders sta ik ertussen. Die switch is zo gemaakt; dat gaat heel natuurlijk, voor de spelers ook. Ze weten dat ook. Ik kan het allebei.’
Hij had op jonge leeftijd leidinggevende functies, ook indirect voor De Telegraaf en de Volkskrant. Dan zat hij in een hok om kranten uit te delen aan de bezorgers, die een stuk ouder waren en van allerlei achtergronden. ‘Daar had ik geen moeite mee. Ik doe alles vanuit goede intenties.’
Van trainers als Gerard van der Lem, tegen wie hij nog steeds ‘papa’ zegt, Dick Advocaat, Louis van Gaal, Foppe de Haan en Willem van Hanegem (‘allemaal mensen van wie ik hou’) nam hij iets over. ‘Maar mijn echte inspiratie was dat ik het heel graag wilde.’
Hij werkte lang bij de amateurs, mede omdat de KNVB hem niet toeliet tot de hoogste cursus. ‘Ik had altijd het gevoel dat het ooit zou komen. Er waren momenten waarop ik dacht dat het sneller mocht, maar uiteindelijk is het ergens goed voor geweest dat ik heb moeten knokken.’
Hij is niet echt gespannen voor zaterdag. ‘Belangrijk is dat de spelers laten zien dat ze er veel zin in hebben. Het is balanceren tussen moeten presteren en teruggaan naar de basis: je stinkende best doen, en dan zien we het wel. Dat geeft een vrijer gevoel.
‘Dat gevoel mag je niet belemmeren, het moet je bevrijden. Naar die lijn zijn we op zoek: omarm de stress, de zenuwen. Bundel al die krachten.’
1968 geboren op 30 september in Amsterdam
Vanaf 1981 jeugdspeler bij Ajax, DWS en HFC Haarlem.
Vanaf 1988 profvoetballer bij HFC Haarlem, SC Heerenveen, AS Cannes (Fra), RKC Waalwijk, Austria Lustenau (Oos) en Heracles Almelo.
Sinds 2008 jeugdtrainer en/of assistent bij Blauw-Wit, DWV, AZ, Zeeburgia, Paris Saint-Germain B, PEC Zwolle, FC Emmen, De Treffers (hoofdtrainer), Jong Oranje en Jong AZ.
Sinds januari 2026 hoofdtrainer AZ. Winst in KNVB-bekerfinale tegen NEC (5-1), winst Johan Cruijff Schaal tegen PSV (0-4).
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant