De wetenschapsredactie beantwoordt grote en kleine vragen die lezers bezighouden. Deze week: waarom kruisen mensen hun benen?
schrijft voor de Volkskrant over historische onderwerpen.
Waarom slaan mensen hun benen over elkaar als ze gaan zitten, vraagt lezer Fien de Jonghe. ‘Dat zie je in het dierenrijk toch nooit?’
Die laatste observatie klopt, maar er is een vrij belangrijk verschil tussen mensen en de rest van het dierenrijk, vertelt Jaap Harlaar, emeritus hoogleraar klinische biomechanica aan het Erasmus MC en de TU Delft. Mensen lopen als enige diersoort op twee benen. (‘Al kunnen bepaalde apensoorten op twee benen lopen, net als beren. En struisvogels natuurlijk.’) De anatomie van de mens is aangepast aan dat zogeheten bipedale lopen, en het is niet vreemd dat mensen een bewegingsrepetoire hebben dat afwijkt van andere dieren.
Maar dan het waarom. Zitten of staan met gekruiste benen heeft een belangrijke biomechanische reden, legt Harlaar uit. In één woord: stevigheid. Bij het kruisen van je benen plaats je je dijbenen onder een hoek naar binnen. Gevolg is dat de kop van het heupgewricht juist iets naar buiten draait.
Dat veroorzaakt op zijn beurt spanning op de zogeheten musculus piriformis, een diepliggende spier die de kop van het dijbeen vanaf de buitenzijde (de trochanter major) over het bekken verbindt met het uiteinde van de wervelkolom – het zogeheten sacrum, beter bekend als de S in het SI-gewricht, een beruchte locatie voor lage rugpijn.
De extra spanning op de piriformis trekt beide bekkenhelften naar elkaar en zorgt daarmee voor stabiliteit in het SI-gewricht, wat ook extra stevigheid geeft. En dat voelt fijn. Of andersom: gebrek aan stevigheid rond het bekken en het SI-gewricht voelt niet fijn. Harlaar maakt wel een voorbehoud: hier gaan we van de harde biomechanica naar persoonlijke beleving, en wat prettig, fijn en comfortabel is, is uiteindelijk subjectief.
Het is nadrukkelijk geen wetenschappelijke observatie, maar Harlaar vertelt nog dat het hem opvalt dat bijvoorbeeld op het perron vrouwen vaker met gekruiste benen staan dan mannen. (‘Het is m’n vakgebied, zoiets valt me op.’) Een mogelijke biomechanische verklaring is dat vrouwen naar verhouding een iets breder bekken hebben. Extra spanning op de piriformis zou kunnen helpen de bekkenhelften steviger naar elkaar te trekken.
Een aantal wetenschappelijke studies wijst ook op een verschil in zithouding tussen mannen en vrouwen. Vrouwen zitten vaker klein, met hun benen gekruist of bij elkaar, terwijl mannen vaker een grote zithouding hebben, met hun benen wijd – het beruchte manspreading.
Voor het onderscheid in zithouding tussen mannen en vrouwen bestaan in de wetenschappelijke literatuur maatschappelijke, psychologische en antropologische verklaringen, variërend van fysieke en sociale veiligheid tot opvoeding en verwachtingspatronen. Harlaar benadrukt dat hij op geen enkele manier de anatomie naar voren schuift als enige verklaring voor het verschil tussen manspreading versus gekruiste benen. ‘Maar vanuit de biomechanica is het breedteverschil van het bekken bij mannen en vrouwen in ieder geval een deel van het antwoord.’
Zelf een vraag voor deze rubriek? Mail naar willenweten@volkskrant.nl
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant