Het kabinet wil snel duizenden verplaatsbare prefabwoningen laten bouwen om de woningnood tegen te gaan. Een voorbeeldproject in Hilversum laat zien hoe ingewikkeld dat is. ‘We willen dat hier een gemeenschap ontstaat.’
schrijft voor de Volkskrant over architectuur, landschapsontwerp en stedenbouw.
Op een modderige bouwplaats aan de Diependaalselaan in Hilversum klinkt het geluid van graafmachines, boren en straathamers. Bouwvakkers leggen de laatste hand aan woonblokken met gevels van okergele beplating en houten balkons, terwijl stratenmakers klinkers op hun plek tikken.
‘Er moet nog veel gebeuren, maar we liggen op schema’, zegt Marco van den Burgh van Daiwa House, producent van de woonmodules waaruit de 379 appartementen zijn opgebouwd.
Op 3 november krijgen de eerste bewoners de sleutel van hun woning op het Circusterrein, zoals de nieuwe woonwijk heet. Het gaat om jongeren die nu veelal bij hun ouders wonen, statushouders die plekken in asielzoekerscentra bezet houden, mensen met een cruciaal beroep in de zorg of die uit een traject voor begeleid wonen komen, maar ook om reguliere woningzoekenden.
Het Circusterrein is een voorbeeld van het versnellen van de woningbouw. Dat is nodig, want Nederland komt 410 duizend woningen tekort. Vooral voor sociale huurwoningen zijn de wachtlijsten lang.
In 2023 sloot het Rijk regionale ‘woondeals’ om bouwplannen van de grond te krijgen en in 2025 presenteerde toenmalig woonminister Mona Keijzer het programma Stoer (‘Schrappen tegenstrijdige en overbodige eisen en regelgeving’) om de bouwproductie op te schroeven.
Nog steeds gaat het niet snel genoeg. Daarom sloten het Rijk, de gemeenten, de provincies en woningkoepel Aedes op 16 oktober een akkoord om in drie jaar tijd twintigduizend ‘aanvullende woonvormen’ te realiseren. Het gaat om flexwoningen, het aanpassen van leegstaande gebouwen, om doorstroomlocaties of het delen van een woning. Door statushouders deels in ‘conceptwoningen’ te plaatsen, moet de druk op asielopvang en sociale huurwoningen worden verminderd.
In Hilversum hebben ze gemerkt welke hindernissen er te nemen zijn bij sneller bouwen. ‘Het belangrijkste is de grond, want die is schaars’, zegt Jacqueline Kalk, wethouder Wonen. De gemeenteraad besloot in 2022 om het braakliggende Circusterrein aan de zuidwestrand van de stad tijdelijk te bestemmen voor de bouw van verplaatsbare woningen. Daartoe sloeg de gemeente de handen ineen met woningcorporaties Dudok Wonen, De Alliantie en G&O.
Samen bepaalden ze de doelgroepen en hoeveel huizen er zouden passen op het terrein. Besloten werd om de helft van het terrein te bebouwen; de andere helft wordt een buurtpark. De speeltuin en muziekkoepel staan al, de sporttoestellen worden nu in elkaar geschroefd.
De meeste vertraging in de bouw ontstaat al voor de eerste paal wordt geslagen: door procedures. Om geen tijdrovende procedure te hoeven doorlopen voor het aanpassen van het omgevingsplan, koos Hilversum voor tijdelijke ofwel verplaatsbare woningen.
‘Maar wel met permanente kwaliteit’, zegt Jacqueline van Ham. Zij is directeur-bestuurder van Dudok Wonen en voorzitter van het Platform Woningcorporaties Gooi & Vechtstreek. ‘Het moeten goede woningen zijn, qua brandveiligheid en luchtdichting, maar ook qua materiaal.’ Ze overziet het terrein. ‘Kijk, het zijn grote gebouwen, maar door de houten gevels ogen ze vriendelijk.’
Het complex is ontworpen door Studio Selva, dat al ervaring had met tijdelijke wooncomplexen. Om het geen massieve indruk te geven, zijn de woningen ondergebracht in twee grote blokken, die weer zijn onderverdeeld in acht bouwdelen, elk met een eigen lift, trappenhuis en toegang. Aan de parkzijde hebben de blokken een half open binnentuin en tegen de gevels komen klimplanten.
De corporaties en de gemeente hebben vooraf de buurtbewoners geïnformeerd over de plannen tijdens participatiebijeenkomsten in een zorgcentrum. Sommige buren waren niet blij dat ze zouden uitkijken op bouwblokken van zeven verdiepingen. Daarom zijn die blokken verplaatst naar de zijde van de Diependaalselaan en de lagere blokken naar de parkkant. ‘Er kwamen uiteindelijk nul bezwaren’, zegt Kalk trots.
Dit is met 730 modules het grootste bouwproject van Daiwa House. ‘We werkten voor het eerst in twee fabriekshallen tegelijk; zo konden we de hele partij in dertien weken tijd leveren’, zegt Van den Burgh. Enthousiast vertelt hij hoe de modules compleet met keukens en badkamers met een hijskraan ‘als legoblokken’ op elkaar zijn gezet. Het complex stond in tien maanden.
De meeste tijd ging zitten in het aansluiten van riolering, waterleidingen en warmtepompen. ‘We waren net op tijd met onze aanvraag voor de netaansluiting, voordat er netcongestie ontstond’, zegt Kalk. ‘Tegenover het gemeentehuis staat een gloednieuw appartementengebouw. Het is al een jaar klaar, maar staat leeg omdat het niet kan worden aangesloten op het stroomnet.’
Als de prefabappartementen op het Circusterrein straks bewoond zijn, is het werk volgens Van Ham nog niet klaar. ‘We willen dat hier een gemeenschap ontstaat, en verbinding met de aangrenzende wijk Kerkelanden.’
De bewoners moesten verplicht deelnemen aan een informatieavond en een motivatiebrief schrijven over hoe zij aan de gemeenschap willen bijdragen. Een ‘communitymaker’ gaat helpen bij het organiseren van gezamenlijke activiteiten in het gebouw en het park, een voltijds beheerder regelt de praktische zaken. Zij gaan werken vanuit de centrale ontmoetingsruimte, waar ook zorg- en welzijnsorganisaties een kantoortje krijgen.
De vergunning voor de flexwoningen geldt voor vijftien jaar, maar de hoop is dat het wijkje daarna kan blijven staan. Van Ham: ‘We willen dat het complex hier blijft, de verwachting is niet dat de woningnood tegen die tijd is opgelost.’
Wel is dan een wijziging van het omgevingsplan nodig. Maar dat is minder ingewikkeld dan de woningen verplaatsen, waarbij alternatieve huisvesting nodig is voor zo’n vierhonderd huishoudens. Aan dat scenario wil de wethouder liever niet denken. ‘Dan hebben we een heel grote uitdaging.’
Source: Volkskrant