Het kabinet heeft de stikstofplannen flink aangepast na overleg met boerenorganisaties. In de zones rond kwetsbare natuurgebieden komt meer ruimte voor maatwerk en de rekenkundige ondergrens wordt een half jaar eerder ingevoerd.
Landbouwminister Jaimi van Essen presenteerde vlak voor het zomereces zijn stikstofplannen, met daarin onder meer een koeiennorm en zones van 500 en 1.000 meter rondom kwetsbare natuurgebieden.
De laatste weken heeft het kabinet meerdere keren overleg gevoerd met de Land- en Tuinbouworganisatie (LTO) en het Nederlands Agrarisch Jongeren Kontakt (NAJK). Naar aanleiding van de gesprekken heeft Van Essen zijn plannen op een aantal punten aangepast. Het kabinet hoopt de boerenorganisaties zo aan boord te houden
"Van boeren vragen we veel, maar dat doen we met realisme en beleid dat aansluit op de praktijk", zegt Van Essen dinsdag. Uit het aangepaste plan, dat dinsdag met de Kamer is gedeeld, blijkt onder meer dat het kabinet de boeren tegemoet wil komen als het gaat om de zones rond kwetsbare natuurgebieden.
Nederland telt zo'n 130 stikstofgevoelige natuurgebieden die in zeer slechte staat verkeren, zoals de Veluwe en het Fochteloƫrveen in het noorden van het land. Dat komt grotendeels door te veel stikstof. In het plaatje hieronder kan je deze gebieden zien.
Rond ongeveer honderd van deze gebieden zouden zones komen van 500 en 1.000 meter. In die stroken moest de uitstoot van stikstof in 2035 met 60 procent worden verminderd ten opzichte van 2019. Dat is meer dan het landelijke doel van 42 procent.
Het kabinet heeft nu afgesproken dat er meer ruime voor maatwerk komt in deze gebieden. Maar in de meeste zones zal in de praktijk nog steeds blijken dat de uitstoot flink verminderd moet worden. De zones worden overigens samen met de provincies later dit jaar bepaald.
De provincies hebben vervolgens twee jaar de tijd om plannen te maken voor natuurverbetering in deze zones. De maatregelen moeten gezamenlijk voldoende reductie opleveren.
Als een provincie er niet in slaagt een goed plan op te stellen, gaan vanaf 2028 alsnog strengere regels gelden. Zo mogen in die gebieden bijvoorbeeld maximaal anderhalve koe per hectare worden gehouden en worden regels voor gewasbeschermingsmiddelen ingevoerd.
Welke regels precies gaan gelden hangt af van de aard van de problematiek. In het ene gebied speelt stikstof bijvoorbeeld een grote rol, maar in het andere gebied is de waterkwaliteit bijvoorbeeld te slecht.
Ook wordt de nieuwe rekenkundige ondergrens al in de zomer ingevoerd. Dat is een half jaar eerder dan gepland.
Dit betekent niets meer dan dat bedrijven en boeren die heel weinig stikstof uitstoten, dan geen natuurvergunning meer nodig hebben. Nu is zo'n vergunning vrijwel altijd nodig, ook als er amper stikstof vrijkomt.
De Tweede Kamer wil al langer zo'n ondergrens invoeren, maar er werd gevreesd dat het zou stranden bij de rechter als niet ook de stikstofuitstoot fors zou verminderen.
Het kabinet wilde ook een zogenoemde 'koeiennorm'. Boeren zouden rond kwetsbare natuurgebieden nog maar 2,6 koe per hectare mogen houden. Daar zet het kabinet geen dikke streep doorheen, al wordt er nu wel drie maanden de tijd genomen om te overleggen of de wettelijke doelen toch op een andere manier gehaald kunnen worden dan door de veelbesproken koeiennorm.
Dit bericht wordt nog verder aangevuld.
Source: Nu.nl algemeen