De door de Democraten zo vurig gewenste blue wave wordt werkelijkheid. Zowel het Huis van Afgevaardigden als de Senaat komt in Democratische handen, blijkt uit de voorlopige uitslagen van de tussentijdse verkiezingen in de Verenigde Staten.
zijn datajournalist van de Volkskrant. Ze analyseren en schrijven over het nieuws in cijfers.
Dat het Huis van Afgevaardigden blauw zou kleuren, durfden zelfs de meest pessimistische Democraten wel te hopen. Die voorspelling kwam dan ook al vroeg op de Amerikaanse verkiezingsavond uit. Hoewel veel stemmen nog geteld moeten worden, kan de meerderheid de Democraten niet meer ontglippen.
Maar de Senaat? Daar hing de strijd op een aantal nek-aan-nekraces: van een gegarandeerde overwinning was zeker geen sprake. Groot zal de opluchting zijn geweest toen bleek dat ook daar de blauwe golf een feit was. Al rond 5 uur ‘s ochtends (Nederlandse tijd) werd duidelijk dat de Democraten meer dan de helft van de 100 Senaatszetels zouden behalen.
Deze verkiezingen kennen veel uitzonderlijke resultaten, maar een van de opvallendste is toch wel de uitslag in Texas. Die staat krijgt voor het eerst in 33 jaar een Democratische senator. Die nieuwe senator, James Talarico, heeft zijn winst vooral te denken aan de steden, zo is te zien op de uitslagenkaart van de zuidelijke staat.
Toch is ook in de meest dieprode counties in Texas vaker democratisch gestemd dan bij de vorige verkiezingen. In geen enkel kiesdistrict wisten de Republikeinen winst te behalen ten opzichte van 2024.
Hoe groot de Democratische overmacht is, blijkt ook uit de stemuitslagen in staten die de afgelopen jaren hun kieskaart hertekenden. Voorafgaand aan deze verkiezingen was veel te doen over deze poging om de samenstelling van het Huis te beïnvloeden, ook wel ‘gerrymandering’ genoemd. De Republikeinen, zo was de verwachting, zouden het meest van dit electorale trucje profiteren – maar de voorlopige verkiezingsuitslag suggereert het tegendeel.
In de 137 hertekende kiesdistricten hebben de Democraten hun verkiezingsresultaat van twee jaar geleden al bijna geëvenaard. In 2024 wonnen de Democraten hier 65 zetels, nu staat de teller al op 59. Ondertussen is bijna een derde van de districten nog onbeslist. Opvallend is dat de Democraten ook in de staten die de Republikeinen hertekend hebben, afkoersen op een flinke winst.
Met het verliezen van het Huis van Afgevaardigden heeft de Amerikaanse president Donald Trump ervaring, maar met een minderheid in de Senaat niet. Tijdens de midterms in 2018 ging alleen het Huis over in Democratische handen. In de Senaat konden de Republikeinen tijdens Trumps regeerperiode tot dusver altijd rekenen op een meerderheid van de zetels.
Wie de macht heeft in de Senaat, wordt vaak bepaald door maar enkele van de honderd zetels. Het is bijna 50 jaar geleden dat één partij zestig of meer zetels veroverde. De enorme overmacht van de jaren zestig en zeventig zullen de Democraten nu niet halen.
Voor Trump is deze verkiezingsuitslag uiterst ongunstig: hij moet vanaf januari regeren met een Huis van Afgevaardigden én een Senaat met een Democratische meerderheid. Trump is echter niet de eerste president die met die situatie te maken krijgt. Van de naoorlogse presidenten hebben alleen de Democratische presidenten John F. Kennedy, Lyndon B. Johnson en Jimmy Carter tijdens hun presidentschap niet minstens een van de twee kamers in het Congres tegen zich gehad.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant