is columnist van de Volkskrant en werkt als adviseur voor overheden en maatschappelijke organisaties.
Heel even opluchting. De schouders losser. De adem vrijer. Het gemoed lichter. Een herinnering aan betere tijden drijft boven. En met een muziekje in de oren op een fris en zonnig perron, uitkijkend op het brons van de Hollandse herfst, is daar een kort moment het versterkte besef dat niet alles almaar slechter hoeft te worden.
Dan snel de relativering.
Ja, de Amerikaanse verkiezingsuitslagen zijn een signaal aan Trump. Maar wat zeggen ze echt? Voor elke meevaller is ergens wel een tegenslag aan te wijzen.
Columnisten hebben de vrijheid hun mening te geven en hoeven zich niet te houden aan de journalistieke regels voor objectiviteit. Lees hier onze richtlijnen.
Ik wilde hier schrijven dat je naar het nieuws kunt kijken als naar een scorebord: punt voor de democratie, punt tegen – en waarbij er nu een inhaalslag lijkt te worden gemaakt.
Orbán verslagen: punt voor.
AfD verovert Saksen-Anhalt en Mecklenburg-Voor-Pommeren: punten tegen.
Bolsonaro weg in Brazilië: punt voor.
Studentenlijst wint in Servië: punt voor. Een ontroerend mooi punt.
Blauwe golf in de VS: heleboel punten voor.
Maar zo duidelijk is het niet. Een doelpunt zit of zit niet. Bij twijfel kun je dat vragen aan de VAR. De strijd om de democratie is rommeliger en vol voorlopigheden. Het is een ondoorzichtige winst-en-verliesrekening, voor verschillende uitleg vatbaar, waar voortdurend vragen bij te stellen zijn.
De Amerikaanse uitslag is winst, onmiskenbaar. En toch: het systematisch optuigen van een autocratie bracht de Amerikanen kennelijk eerder onvoldoende in beweging. Negen op de tien kiezers noemen hoge prijzen cruciaal bij het bepalen van hun stem. Komen ze pas in verzet wanneer het te duur wordt om hun tank vol te gooien?
Negen van de laatste tien verkiezingen waren een verwerping van de zittende partij, stond in The Wall Street Journal. De jonge witte mannen, conservatieve latino’s en zwarte mannen die in 2024 Trump zijn overwinning bezorgden, slingerden nu de andere kant op. Wie zegt wat ze over twee jaar doen? De kans is aanzienlijk dat een antidemocraat in 2028 gewoon weer de presidentsverkiezingen wint.
Wat is winst en wat is verlies in de landen die maar doorrollen als munten op hun kant, zonder dat te voorspellen is hoe ze zullen neervallen? In Polen is de strijd over het Constitutioneel Hof, die zelfs fysiek werd, onbeslist. En je kunt betogen dat de democraat Donald Tusk daar ondemocratische middelen gebruikt om van de door extremisten geplante rechters af te komen. In Bulgarije is een partij steviger in het zadel gekomen die zich binnenlands schijnt in te zetten voor de rechtsstaat, maar die geopolitiek naar Poetin toetrekt.
En wat zit er de komende paar jaar aan te komen? Met een Frankrijk onder president Marine Le Pen en de AfD als grootste partij in Duitsland – allebei verre van ondenkbaar – zou Europa zijn getransformeerd. Is die sterke eigen defensie dan nog zo’n goed idee?
Nederland worstelt ondertussen ook nog om iets te vinden dat lijkt op functionerend bestuur. Ook bij ons is niet op het eerste oog duidelijk wat vooruitgang is en waar we juist wegzakken.
Dag in, dag uit horen we wat een wanvertoning het is dat coalitiepartners niet tot een vergelijk kunnen komen en plannen aan de Tweede Kamer sturen waar van tevoren geen meerderheid voor is. Regeringsfracties houden zelfs de mogelijkheid open om verschillend te stemmen. Een open huwelijk! Wat een schok!
Terwijl dat op zich is hoe de Grondwet het heeft bedoeld. Áls dit zou lukken – niet alleen een minderheidskabinet, maar ook een lossere relatie tussen regering en coalitiefracties – kan er veel gewonnen zijn voor een land dat vermoedelijk in de voorzienbare toekomst geen makkelijke meerderheidscoalities zal kennen.
Tegenover die eventuele winst staat deze weken dan nog genoeg. Het onuitvoerbare en peperdure plan van minister Eelco Heinen voor vermogenswinstbelasting? Puur verlies.
De blinde bezuiniging op ambtenaren, als sluitpost en niet gekoppeld aan de kwaliteit van de overheid? Verlies. Minister Vincent Karremans grinnikte in een VVD-podcast dat hij zijn eigen versie van Doge op het departement van Infrastructuur en Waterstaat heeft rondlopen. Dat was in de Verenigde Staten geen geinig efficiëntieprojectje, maar een ongecontroleerde en corrupte interventie van de fascist Elon Musk, die geen noemenswaardige cent opleverde en wel honderdduizenden levens kostte. Als zoiets een grapje wordt, is dat meer dan verlies. Het is bederf.
Kijk dan niet vreemd op als 31 procent van de Nederlanders hardere actie tegen de overheid nodig vindt als ze keer op keer niet luistert. 17 procent ziet liefst het hele systeem omvergeworpen worden. 8 procent is het eens met de stelling dat de overheid desnoods met geweld moet worden aangepakt. Of moeten we het als winst zien dat deze percentages niet zijn gestegen sinds de laatste peiling drie jaar geleden?
Daar heb je het: de schouders strakker, de adem hoger, het gemoed zwaarder.
Nog even ontspannen met filmpjes van James Talarico, de zacht prekende oud-leraar die voor het eerst in 38 jaar als Democraat een Senaatszetel binnensleepte in Texas. En hopen op Nederlandse politici die net als hij de juiste vijand identificeren: ‘Zelfs onze onderlinge verhoudingen voelen gebroken. Dat is precies zoals de machtigste mensen ter wereld het willen. (…) De mensen aan de top doen er alles aan om ons boos en verdeeld te houden, want onze eensgezindheid bedreigt hun rijkdom en macht. Daarom drijven hun nieuwszenders en hun algoritmen ons uit elkaar.’
Hij reikt kiezers met andere opvattingen de hand in plaats van ze te verketteren. Democratische winst is niet puur een resultaat, maar haal je ook uit de weg daarnaartoe.
Geen column meer missen?
Volg uw favoriete columnisten via de app. Klik op het belletje naast de auteursnaam.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant