Home

Met een president die toch niet geïnteresseerd is in wetgeving, kan democratische politiek bedrijven wel eens heel lastig worden

De democratie heeft gewonnen, klinkt het overal na de midterms in de VS. Maar de harde realiteit is dat de grenzen van de Amerikaanse rechtsstaat onder Trump zijn vervaagd.

is correspondent Verenigde Staten van de Volkskrant. Hij woont in New York.

Maak na de midterms een rondje over de wereld en één woord domineert. ‘De democratie heeft gewonnen in Amerika’, concludeert premier Donald Tusk in Polen. ‘Een overwinning voor de democratie’, zegt buitenlandminister Ronald Lamola in Zuid-Afrika. ‘Lang leve de democratie’, aldus de Braziliaanse minister José Guimarães.

Het gevoel is logisch. De uitslag van de tussentijdse verkiezingen in de Verenigde Staten vormt, inderdaad, een historische afstraffing van een autocraat-in-de-dop. Nooit vergaarde een Amerikaanse president in krap twee jaar meer macht dan Donald Trump, en zelden viel er eentje harder. Of van hoger.

Democraten behaalden hun grootste succes in decennia. Ze veroverden ruim 253 zetels in het Huis van Afgevaardigden en minstens zeven nieuwe in de Senaat – met mogelijk nog twee op komst in Alaska en Mississippi, waar nog wordt geteld. Het mocht met recht een ‘blue wave’ worden genoemd, zo hoog dat je ’m vanaf de Europese kust kon zien kolken.

Maar anders dan in de rest van de wereld valt het woordje ‘democratie’ hier in de Verenigde Staten nauwelijks. Want de Democraten mogen de gunst van de kiezer nu hebben teruggewonnen, het gevecht om hun democratie is nog lang niet gestreden.

Pragmatisme voorop

Hoeveel er ook op het spel stond, uiteindelijk waren dit pragmatische verkiezingen. Deze campagne maakten de Democraten een harde keuze: inzetten op de kosten van levensonderhoud. ‘Wij hebben gewonnen op betaalbaarheid’, aldus Hakeem Jeffries, die voorzitter van het Huis van Afgevaardigden hoopt te worden, tijdens zijn overwinningstoespraak.

Talloze malen beet de partij haar tanden al stuk op campagnes over rechtsstaat en democratie. Trump won alsnog. En toen hij als president alles deed waarvoor zij waarschuwden, bleken veel Amerikanen dat te tolereren. Trumps populariteit kelderde pas toen de prijzen stegen.

Democratische normen zijn, simpelweg, geen rode lijn gebleken. Benzineprijzen wel. Dáár lag de route naar succes.

Het werd een Democratisch dogma: elk onderwerp kon deze verkiezingen ter sprake komen – corruptie, Iran, justitie, immigratie – of hun kandidaten stuurden het antwoord aan op de portemonnee. Want was het leven onder Trump, terwijl hij al die dingen deed, niet veel te duur geworden?

‘Meer mensen beginnen tegen mij over de prijs van benzine’, antwoordde senaatskandidaat Abdul El-Sayed doodleuk op Fox News, gevraagd naar migratiehandhaving. In Georgia legde Jon Ossoff de nadruk op corruptie, maar koppelde dat thema altijd aan het huishoudboekje: ‘Hij harkt miljarden binnen, terwijl jij steeds meer moet betalen.’

Slapgetrokken elastiek

Die tactiek is een meesterzet gebleken, maar duidt ook op een beperking. Volgens CBS News noemt 89 procent van de kiezers de hoge prijzen hun hoofdoverweging bij het uitbrengen van hun stem. Amerikanen verwerpen Trump nu om dezelfde reden dat zij hem in 2024 verkozen. Maar dat maakt deze uitslag géén definitieve afrekening met autocratie. De kaart oogt misschien veranderd, het volk is dat niet.

‘Onze democratie hing aan een zijden draadje’, schrijft hoogleraar Richard Hasen van de UCLA School of Law donderdag in online tijdschrift Slate. ‘De volgende autocraat in spe is wellicht genadelozer en competenter.’

Bijna twee jaar lang regeerde Trump eigenmachtig, per decreet, zonder oog voor de wetgevende macht. Of het nu ging om handelsoorlogen tegen bondgenoten of het ontbinden van instituties: de president deed wat hij wilde, zonder inspraak van het Congres. Was Trump zijn Iran-oorlog nooit begonnen, maar ‘gewoon’ doorgegaan met dit autocratische project, dan waren de midterms mogelijk anders uitgevallen.

Politici op rechts en links hebben nu gezien hoever je in de VS kunt gaan vóór kiezers je een halt toeroepen. De grenzen van de Amerikaanse rechtsstaat zijn slapgetrokken als elastiek. Die schieten niet met een enkele verkiezing weer terug op hun plek.

Trump laat zich moeilijk beteugelen

‘Nu begint het zware werk’, verklaarde voormalig vicepresident Kamala Harris donderdag. Want hoewel de Democratische meerderheid aanzienlijk is, blijven hun middelen beperkt. Een president die zonder de politiek regeert, laat zich door die politiek ook moeilijk beteugelen.

In wetgeving is hij toch niet geïnteresseerd. Sinds de ‘One, Big, Beautiful Bill’ in 2025, zijn economische maatregelenpakket, heeft Trump elke poging tot bestendig beleid gestaakt. Er liggen nauwelijks langetermijnplannen voor de Democraten om te dwarsbomen.

Natuurlijk kunnen ze nu moties en budgetwetten aannemen, maar die hoeft Trump niet te ondertekenen. Op verkiezingsnacht deelde de president online een rode pet met daarop één woord: ‘VETO’. ‘Het Congres kan de president niet dwingen tot verandering’, aldus historica Anne Applebaum in een radiointerview.

Toch kan Trump ook weer niet om hen heen. Voor het staatsbudget, voorbehouden aan het Congres, zullen ze moeten samenwerken. Ook gaan de Democraten zeker onderzoeken instellen, of zelfs afzettingsprocedures, tegen Trump en zijn getrouwen. Maar dat kost politiek kapitaal. En Democraten verkochten hun kiezers, doelbewust, andere prioriteiten. ‘We gaan jullie leven betaalbaarder maken’, jubelde senator Chuck Schumer ook na de verkiezingsnacht.

Het blijft een risico. Democraten moeten de democratie nu zien te versterken, zonder in hun eigen val te trappen. Want wie zich laat verkiezen op lagere prijzen – zoals Trump al heeft gemerkt – kan dat maar beter waarmaken, of de bal kaatst terug. Wie weet wie ’m dan in handen krijgt.

Vanuit New York sturen correspondenten Maral Noshad Sharifi en Thomas Rueb elke woensdag een overzicht van het belangrijkste nieuws uit de Verenigde Staten. Meld u hier aan.

Source: Volkskrant

Previous

Next